Een vos in de Garage

broucke dawn (1024x463)
Koen Broucke – Dawn

“(…) bijvoorbeeld de patrijzen wier merkwaardige lokroep ’s nachts vaak te horen is, of de leeuwerik wier veelstemmig gezang bij het eerste ochtendgloren boven de loopgraven klinkt.” (Ernst Jünger, In Stahlgewittern – 1920)

Een vos loopt tegen de muur van de Garage op. Kwetsbaar en onbeschermd; geen gras of  struikgewas. Alleen de sneeuw van witte wanden met hier en daar een donker schilderij van Koen Broucke. En ook wat exemplaren van verschillende edities van steeds hetzelfde boek van Ernst Jünger:  zijn oorlogsmémoires  ‘In Stahlgewittern’ .
De metafoor is natuurlijk sterk: in confrontatie met het oorlogsgeweld rest de eenzame, dolende mens slechts de vlucht vooruit. Al lijkt de vos daar niet echt mee opgezet.
Het landschap biedt trouwens geen soelaas. Op doek heerst nacht en ontij met hier en daar een schamel lichtpuntje in de duisternis. Een verre ochtendschemer, een fonkelende ster, wat dauw op de graszoden? Er mag getwijfeld worden.
In 1909 gaat Filippo Tomasso Marinetti in het Futuristisch Manifest de decadentie te lijf en brengt een ode aan snelheid, techniek en ook geweld. De dynamiek van fabriek, machine en oorlog meent hij te moeten verheerlijken. Het zat in de tijdsgeest: ook Fernando Pessoa zou het geratel van tandwielen tot poëzie verheffen. Het besef dat de oude uitdrukkingsvormen  nooit meer zouden voldoen in de ‘moderne’ tijden  leefde sterk bij een generatie die de spleen  van de fin-de-siècle voluit had mogen ervaren:

Ah, poder exprimir-me todo
como um motor se exprime!
Ser completo como uma máquina!

Ach, mezelf volledig te kunnen uitdrukken
zoals een motor zich uitdrukt!
Volmaakt zijn als een machine!

(Álvaro de Campos / Fernando Pessoa. Ode triunfal, 1914)

Als overtuigd Nietzscheaan ziet Jünger de schoonheid van de viriele actie en vecht hij vol overtuiging mee in de Grote Oorlog. Heldhaftig, dat wel, hij brengt het er gekwetst maar levend vanaf, voorzien van de nodige eretekens.
De ondraaglijke vreugde van de beelden – Het herbarium van het slagveld, heet de tentoonstelling voluit. Niet dat er veel vreugde te ontwaren valt, maar net als in een herbarium is het leven ogenschijnlijk voorbij. Het zal heropflakkeren, mits de nodige zorgen. Of net niet, want onberoerd schiet onkruid hoger op.
Net als in een herbarium, trouwens, is Koen Broucke met een zekere systematiek te werk gegaan, en daar schuilt volgens mij dan ook de zwakte van de expositie. Ik had te vaak het gevoel met reeksen schilderijen te maken te hebben waarbij de spontaneïteit van het schilderen in toom werd gehouden door wat voorspelbare want bijna identieke aangebrachte verftoetsen die dan een boom of plantengroei suggereerden.
Toch zijn er knappe werken te zien, op een tentoonstelling die misschien de regie van een curator had verdragen. Was het echt nodig een grote tafel in het midden van een van de zaaltjes te reserveren om affiches van eerdere projecten uit te stallen? Of al die buitenlandse pocketuitgaven van Jünger? Dan liever wat meer knappe, gevoelig neergezette schetsboekpagina’s gezien.

Yves

Koen Broucke
De ondraaglijke vreugde van de beelden / het herbarium van het slagveld
Cultureel Centrum de Garage
Onder den Toren 12A
Mechelen
Tot 27 mei 2018
do-zo 13-18u

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s